Zondagmiddag ouders

Lees het nieuwste blog van Karin Bokhove.

Ik had het kunnen zien aankomen, de rimpelingen in zijn routines, waarschuwingen voor wat komen zou. Zijn rusteloosheid, het haperende slapen. Steeds vaker schrok ik 's nachts wakker van iets zwaars dat onverhoeds in mijn bed plofte. Dan doezelden we wat samen, tot hij weer wakker schrok en naar beneden tripte om eten te snaaien, die slechte gewoonte van de laatste maanden. Doezelen en snaaien, doezelen en snaaien, de godganse nacht lang. 

Het waren tekens aan de wand. Maar wie let daar nou op? Zeker wanneer je er niet aan wilt. Theoretisch gezien had ik me er wel op voorbereid, het verhaal is immers al zo vaak verteld; "Mijn kind slaapt niet meer bij ons. Hij voelt zich nu thuis op de instelling." 
Nou die van mij mooi niet, dacht ik dan. Gaat niet gebeuren!

Zó overtuigd dat wij speciaal waren.

Afgelopen weekend raasde hij door het vaste programma; de supermarkt, de auto in naar het bos - al wilde hij toen puntje bij paaltje kwam natuurlijk niet wandelen in die regen, thuis avondeten en gelijk naar bed. Om half zes.
Maar hij kon de slaap niet vatten. Ik hoorde hem bonken en draaien in zijn kamertje. Na een tijdje kwam hij naar beneden en trok me mee. Een keer of tien legden we het vaste parcours tussen zijn bed, mijn bed en het keukenkastje af, tot hij zich halverwege de avond ineens gedecideerd in kleren en schoenen stak. En ik wist gelijk hoe laat het was. 

"Wil je terug naar de woongroep?" Mijn hand gaat omhoog, de zijne bevestigend ertegenaan. 
Voor de zekerheid hang ik de foto van zijn bed nog op, "Je mag ook hier slapen hoor. Lekker thuis bij papa en mama." 
Maar nee, die foto moet weg. Naarstig doorzoekt hij het fotobakje tot hij vindt wat hij zoekt; de woongroep! Dezelfde vermaledijde foto die hij jarenlang op zondagavond wanneer het weekend er weer op zat probeerde te verdonkeremanen, pronkt nu bovenaan zijn verwijsbord. Zelf gedaan, geen ontsnappen aan, we gaan.

Ergens ben ik erop voorbereid, anders had ik vast tranen met tuiten gehuild. Nu houdt een mengelmoes van gevoelens elkaar in de houdgreep, terwijl ik stilletjes over de snelweg koers. 
Welgeteld één traan rolt omlaag. Is dit het dan? Aarzelend borrelt wat opluchting omhoog. Ik ben het eerlijk gezegd ook wel zat om een weekend lang aan de hand meegetrokken te worden, eindeloos te moeten bedelen om een kop thee te kunnen zetten, en op maandag gelijk door te mogen naar het werk.
En kon ook ìk na een aantal jaar op kamers in mijn ouderlijk huis de slaap niet meer vatten, omdat het domweg thuis niet meer was? Nou dan. Zo gaan die dingen. Berusting. Dàt voel ik vooral.

Daar doemt de instelling al op, de slagboom, de woongroep. Nog voor de auto goed en wel tot stilstand is gekomen vliegt het portier al open en struint hij met grote passen naar de voordeur. Hij gaat linea recta door naar zijn kamer, pelt zijn kleren af, springt in bed, trekt het dekbed over zijn hoofd en is gelijk vertrokken. 

Wij gaan toetreden tot het rijk der zondagmiddag ouders.

Over de auteur

Karin Bokhove, moeder van Kofi, schrijft onder meer het weblog 'Het kleine leven van Kofi'. Deze aflevering verscheen daar eerder. Karin is lid geweest van de Centrale Cliënten Raad van Amerpoort.

Je kind vertoont van de ene op de andere dag bizar gedrag, jij bent geen supermom en je gelooft al helemaal niet in wonderlijke genezingen. Wat doe je? Karins boek is nu verkrijgbaar: maak 10 euro (plus 3,95 verzendkosten) over naar rekeningnummer NL91INGB0004199937 en mail je adres naar karin.bokhove@gmail.com of lees meer: KOFI Het kleine leven van een autist.